De Ploctones vertegenwoordigen alles waar het in de jazz om gaat. Ze verklanken een gevoel van vrijheid, zoals die alleen in je wildste fantasieën bestaat. Hun muziek swingt, suist, vliegt, vibreert, bonkt en kraakt dat het een lieve lust is. En als je improvisatie omschrijft als ‘een kwestie van opvangen wat er rondgaat’, dan hebben de Ploctones daar een perfect afgestemde antenne voor. Ze hebben aan een halve noot genoeg om een muzikaal universum te creëren.
Maar in dat universum bestaat niet alleen maar jazz. Plaats de Ploctones in een hokje en ze morsen met opzet fors over de lijntjes heen. Is het jazzrock, blues of funk wat de Ploctones door de microfoons jagen? Het is het allemaal. Latin, kaseko, punk, pop, r&b, country, bluegrass? Alle stijlen komen voorbij. Goudsmit, Trujillo, Vierdag & Vink verslinden elk goed muzikaal idee met huid en haar en hebben daar aanstekelijk veel lol in. Kan er nog een blokje op het vuur, dan moet dat.
De Ploctones is een fysieke band, die met windkracht tien de zee op gaat en nog koers houdt ook. Efraïm Trujillo blaast de bodem uit zijn tenorsax, Anton Goudsmit deelt stroomstoten uit op zijn gitaar, Jeroen Vierdag danst over zijn bassnaren, en Martijn Vink drumt onverstoorbaar voorheen ondenkbare patronen op zijn kit.
Alle vier de muzikanten hebben unieke verhalen te vertellen op hun instrument. Ze krijgen en nemen de ruimte om die voor het voetlicht te brengen, maar uiteindelijk gaat het groepsgeluid altijd voor het ego.
Dit is geen band waarbij de ritmesectie slaafs de maat aangeeft en de solisten om beurten hun riedel afdraaien. De rolverdeling verschuift telkens. Je hoort de meest sierlijke en meeslepende melodieën in de bas of op de drums, en de pakkendste ritmes in de gitaar- en saxofoonpartijen. Zo ondubbelzinnig als de titels van de composities zijn – we denken aan Kont, FF Dimmen, Paalangst of De Dorst – zo ingenieus zit de muziek in elkaar; de ene keer als een tikkende bom, die elk moment kan exploderen, de andere keer als een verfijnd uurwerk.
In 2004 waren de Ploctones (die toen nog Goudsmit, Trujillo, Vierdag & Vink heetten) er opeens. Iedereen kende Anton Goudsmit al als het geheime wapen van New Cool Collective, maar niemand had hem nog gezien in de rol van bandleider.
Hoewel, bandleider? De gitarist distantieert zich nadrukkelijk van die positie. Hij is hoogstens het smoel van een anarchistische bende, die alleen buigt voor de wetmatigheid van de juiste noot op het juiste moment.
Hoe dan ook, de Ploctones gaven een magistraal concert tijdens het Live op het Dak Festival in Amsterdam. Mensen die er bij waren, konden nog dagen teren op de spetterende energie en de ongehoorde klankcombinaties van het viertal. Het concert werd uitgebracht op cd en vervolgens toerde de groep nationaal en internationaal.
Tot vorig jaar. Toen verscheen het eerste studioalbum 050, waarbij de vier muzikanten de luisteraar meenemen op een avontuurlijke, bijna hallucinerende trip langs duizelingwekkende afgronden en ijle hoogtes. De ballad Ernesto is even ontroerend, romantisch en mooi als het funky Paalangst vuig, gemeen en verraderlijk is. Het regende lovende kritieken in kranten en tijdschriften. Daar kwam de toekenning van de Boy Edgar Prijs voor Anton Goudsmit nog eens bovenop, zodat de Ploctones nu helemaal niet meer zijn weg te denken van de Nederlandse podia. Ze gaan uitgebreid op tournee en dat betekent dat er een vuurbal door de lage landen rolt. Wees voorbereid op de heetste band van dit moment: de Ploctones.
Korte biografiën
Anton Goudsmit is verantwoordelijk voor de composities. Deze vormen de basis voor verhalende improvisaties en flitsend spierballenvertoon.
Een recensent in de Britse “Guardian” omschreef Goudsmit als “the kind of musician that makes you wonder where the fire escape is.” Hij studeerde in 1995 cum laude af aan het conservatorium in Amsterdam. Momenteel is hij één van de meest invloedrijke gitaristen in Nederland.
Onlangs werd hem de VPRO Boy Edgar Prijs 2010 toegewezen, de belangrijkste jazz onderscheiding in Nederland.
Jeroen Vierdag is een sterke en creatieve bassist die met zijn “groove” de band doet klinken als een ware topact en door zijn grote virtuositeit zijn zessnarige collega regelmatig naar de kroon steekt. Hij beweegt zich in vele soorten muziek, zoals pop, jazz, Latin en Braziliaans.
Martijn Vink is een bijzonder gedreven slagwerker met een onnavolgbare techniek. Hij is in staat de pannen van het dak te spelen om vervolgens subtieler dan een speeldoosje de muziek te kleuren en vervolmaken.
Hij is de vaste drummer van het Metropole Orkest en speelde al met veel groten uit de jazz, zoals Pat Metheny, Herbie Hancock, John Scofield en was onlangs nog op tournee met Hank Jones.
Tenorsaxofonist Efraim Trujillo komt zowel in de hectische stukken als in het meer 'ambient' repertoire goed tot zijn recht door zijn open en dynamische spel. Hij weet door de rijkdom aan verworven mogelijkheden op zijn instrument de door hem gespeelde muziek te vernieuwen en op te waarderen, waardoor deze groep telkens weer een belevenis blijkt voor zowel het publiek als de bandleden zelf. Hij speelde met o.a. Courtney Pine, Benny Bailey, Steve Williamson en Bootsy Collins.