Assia Cunego is de eerste die Canto Ostinato voor een harp heeft bewerkt. De harp produceert klanken die veel transparanter zijn dan de piano, een soort zingende ruimte van klank. Kernelementen van de compositie is een bijna oneindige opeenvolging van zich herhalende vijf-zestiende noten, preciezer gezegd: zestiende quintolen. In Canto Ostinato klinken plotseling vijf tonen in dezelfde tijdsspanne. Een voor de luisteraar ongewoon ritme, dat hem in een nieuwe laag van ervaring kan optillen. Zoals in een meditatie een bepaalde inhoud rustig van alle kanten beschouwd kan worden, telkens opnieuw, zo worden deze vijf tonen worden steeds herhaald, in telkens nieuwe metamorfosen en laten langzamerhand onvermoede dimensies zien.

